Samenwerking
Betrokken partijen
Meer dan 500 actoren zijn betrokken bij toegankelijkheid. Het gaat om 19 OV-autoriteiten, 467 gemeenten, 16 vervoerbedrijven, 6 wegbeherende waterschappen, Rijkswaterstaat en enkele particuliere bedrijven, waarvan Schiphol het bekendste voorbeeld is. Het verbeteren van de toegankelijkheid betreft 67 concessiegebieden en 15 lijnconcessies. Geen van de genoemde partijen kan zelfstandig de toegankelijkheid van het openbaar vervoer verbeteren.
Zo is de opdrachtgever van het openbaar vervoer (de OV-autoriteit: provincies en stadsregio’s) vaak niet de beheerder van de halte. Dat is namelijk de wegbeheerder. In Nederland beheren gemeenten 75% van de bushaltes. Over deze haltes heeft de OV-autoriteit geen directe zeggenschap. Wel kan zij de gemeente stimuleren om haltes toegankelijk te maken. De OV-autoriteit en de gemeenten moeten tot afspraken komen over de aanpak van haltes, als onderdeel van een toegankelijk openbaar vervoer. Het toegankelijk maken van bushaltes zal dan ook het meest succesvol zijn door een nauwe samenwerking tussen OV-autoriteiten en wegbeheerders.
Convenanten
In de vorm van bijvoorbeeld convenanten kunnen afspraken worden gemaakt over welke haltes in welke tijdperiode op welke wijze toegankelijk gemaakt worden. Vanzelfsprekend dienen hierbij ook financiële afspraken worden vastgelegd, bijvoorbeeld d.m.v. een subsidieregeling. De OV-autoriteiten kunnen als regisseur optreden bij de ontwikkeling van halteplannen.
Belangrijk aspect hierbij is dat de OV-autoriteiten het belang van toegankelijke haltes goed overbrengen aan de gemeenten. Het toegankelijk maken van haltes gebeurt immers primair voor de inwoners van de gemeenten. De gemeente heeft ook belang bij toegankelijk openbaar vervoer, ook vanwege de relatie met de stijgende kosten van het doelgroepenvervoer tengevolge van de vergrijzing.
Omdat een lijngebonden aanpak meestal voorkeur verdient is vaak afstemming tussen meerdere gemeenten en de ov-autoriteit nodig. Buslijnen rijden immers vaak door meerdere gemeenten, en het zijn de gemeenten die veruit de belangrijkste beheerder van ov-haltes zijn. Voor lijnen die in meerdere ov-gebieden rijden, is samenwerking tussen OV-autoriteiten nodig.
In 2004 waren er ongeveer 50.000 (bus)haltes in ons land. De verdeling van de haltes over de verschillende wegbeheerders staat onder basisinformatie.
Een voorbeeld van samenwerking tussen gemeenten en de OV-autoriteit wordt gegeven in de presentatie van de provincie Noord-Holland, meer voorbeelden worden op deze site geplaatst.











