Tekst: Kleiner Groter Print

Algemeen

De regelingen
Er zijn nu 6 regelingen van doelgroepenvervoer waarvoor de rijksoverheid medeverantwoordelijk is. De verantwoordelijkheid is verdeeld over veel partijen. Dat maakt het voor de gebruikers onoverzichtelijk. Zij hebben te maken met:

  • verschillende regelingen en geldstromen
  • meerdere loketten en wijze van betaling
  • verschillende manieren van indicatiestelling
  • hoge administratieve lasten.

In het rapport Openbaarvervoer en Doelgroepenvervoer worden de zes regelingen beschreven.

Samenwerking
Als partijen samenwerken levert dat voordelen op. Niet alleen voor de gebruiker, maar ook voor opdrachtgevers en vervoerders. Voordeel in de vorm van minder (administratieve) lasten. Zeker als ook het openbaar vervoer toegankelijker wordt. Want dan zijn er minder reizigers aangewezen op het duurdere doelgroepenvervoer. Kortom, er is een wereld te winnen door het verbeteren van het doelgroepenvervoer.

Het verbeteren van het doelgroepenvervoer loont dus de moeite. Maar het is geen eenvoudige operatie. Dat komt door de:

  • complexe huidige regelgeving
  • de financieringssystematiek en het feit dat er meerjarige contracten lopen
  • verschillende regionale situaties

Zie voor meer informatie toelichting over Wmo en doelgroepenvervoer.

Experimenten
Daarom worden er eerst lokale of regionale experimenten gehouden. Zodat potentiële verbeteringen in de praktijk worden getoetst. De experimenten of pilots starten in 2006. Medio 2007 wordt door de lokale partijen een tussentijdse evaluatie gehouden. We plaatsen de resultaten daarvan op deze site. Het volgende kabinet en de Tweede Kamer in nieuwe samenstelling kunnen de evaluaties gebruiken in de beleidsbepaling.

Een deel van de experimenten is gericht op het "voorbereiden van de verantwoordelijke partijen op de toekomstige inrichting van het doelgroepenvervoer". Daarop zijn het ministerie van VWS en de VNG op aanspreekbaar. Het ministerie van V&W en het kenniscentrum To-Do richten zich op de experimenten die als doel hebben het "verkennen en stimuleren van de mogelijkheden voor samenwerking tussen verantwoordelijken voor doelgroepenvervoer en openbaar vervoer (OV)".